Vraag:

Zijn de spijswetten opgeheven?

 

15 En een stem geschiedde wederom ten tweeden male tot hem: Hetgeen God gereinigd heeft, zult gij niet gemeen maken.

God heeft (had)  een reden om ons voor te schrijven
waarom we niet alles mogen (mochten) eten.

Tot zover over opgeheven spijswetten

 

 

_____________________________

Vroegere

Voorschriften omtrent reine en onreine dieren.

(Leviticus 11)

1De HEER zei tegen Mozes en Aäron: 2‘Zeg tegen de Israëlieten: “Dit zijn de dieren die jullie mogen eten: Van alles wat op het land leeft, mogen jullie de dieren eten 3die gespleten hoeven hebben – dus hoeven die helemaal gedeeld zijn – en bovendien hun voedsel herkauwen. Die mag je eten. 4Maar dieren die alleen herkauwen of alleen gespleten hoeven hebben, mag je niet eten. Kamelen zijn herkauwers maar hebben geen gespleten hoeven en gelden daarom voor jullie als onrein. 5Klipdassen zijn herkauwers maar hebben geen gespleten hoeven en gelden daarom voor jullie als onrein.

 

haaas.png

6Hazen zijn herkauwers maar hebben geen gespleten hoeven en gelden daarom voor jullie als onrein.

7Zwijnen hebben wel volledig gespleten hoeven maar herkauwen niet en gelden daarom voor jullie als onrein.

8Eet geen vlees dat van zulke dieren afkomstig is en raak hun kadavers niet aan. Ze gelden voor jullie als onrein.

9Alles wat in het water leeft, in de zee of in de rivieren, en vinnen en schubben heeft, mag je eten. 10Maar alle kleine en grote waterdieren zonder vinnen of schubben gelden voor jullie als oneetbaar. 11Je mag er niet van eten; ook hun kadavers moet je als weerzinwekkend beschouwen. 12Alle waterdieren zonder vinnen en schubben gelden voor jullie als oneetbaar.

Krab

 Krab is voor ons een delicatesse maar mag niet

Krabben zijn ook kadaver eters.
 

13De volgende vogelsoorten gelden voor jullie als oneetbaar; je mag er niet van eten en moet ze als weerzinwekkend beschouwen: de vale gier, de lammergier, de zwarte gier, 14de rode wouw en de verschillende soorten buizerds, 15alle soorten kraaien en raven, 16de struisvogel, de velduil, de bosuil, alle soorten valken, 17de steenuil, de visuil, de ransuil, 18de katuil, de dwergooruil, de visarend, 19de ooievaar, de verschillende soorten reigers, de hop en de vleermuis.

gier-vale05.jpg

De vale gier

 20Ook gevleugelde insecten gelden voor jullie als oneetbaar. 21Van deze dieren mag je alleen die eten die ook een stel springpoten hebben. 22Dat zijn de verschillende soorten veldsprinkhanen,  sabelsprinkhanen, krekels en dwergsprinkhanen. Die mag je wel eten. 23Alle andere gevleugelde insecten gelden voor jullie als oneetbaar.

 

veldsprinkhaan.jpg

 Veldsprinkhaan

24Wie een kadaver van een onrein dier aanraakt, is tot de avond onrein, 25en wie iets van zo’n kadaver meeneemt, moet zijn kleren wassen en is tot de avond onrein. 26Dit geldt voor alle dieren die geen volledig gespleten hoeven hebben en alle dieren die niet herkauwen; deze dieren gelden voor jullie als onrein. Wie het kadaver van zo’n dier aanraakt, wordt zelf ook onrein. 27Ook alle zoolgangers onder de viervoetige dieren gelden voor jullie als onrein. Wie het kadaver van zo’n dier aanraakt, is tot de avond onrein, 28en wie zo’n kadaver meeneemt, moet zijn kleren wassen en blijft tot de avond onrein. Zulke dieren gelden voor jullie als onrein.

 

Varaan

Varaan

29
Van de kruipende dieren gelden de volgende voor jullie als onrein: blindmuizen, ratten en muizen, de verschillende soorten padden, 30gekko’s, varanen, hagedissen, skinken en kameleons. 31Deze kruipende dieren gelden voor jullie als onrein. Wie het kadaver ervan aanraakt, is tot de avond onrein, 32en alles waarop het kadaver van zo’n dier wordt aangetroffen, is ook onrein. Houten, stoffen, leren of geitenharen gebruiksvoorwerpen die hierdoor onrein zijn geworden, moeten in water worden ondergedompeld. Ze blijven tot de avond onrein en daarna zijn ze weer rein. 33Wanneer zo’n kadaver in een aarden kruik wordt aangetroffen, is de inhoud onrein; de kruik moet worden stukgeslagen.

 

34Voedsel in een vat waarop zo’n kadaver is aangetroffen, is onrein wanneer het met water in aanraking is geweest; drank in zo’n vat is in alle gevallen onrein. 35Ook al het overige waarop het kadaver van een onrein dier wordt aangetroffen, is onrein. Ovens en kookstellen die met zo’n kadaver in aanraking zijn geweest, zijn en blijven onrein en moeten worden stukgeslagen. 36Een bron of een waterput echter blijft rein als er een kadaver van een onrein dier in aangetroffen wordt, maar ieder die dat kadaver aanraakt, is onrein. 37Als zo’n kadaver op zaaigoed gevonden wordt, blijft het zaad rein, 38maar als het wordt gevonden op zaad dat in water staat, geldt dat zaad voor jullie als onrein.

 

39Als een dier dat gegeten mag worden dood gevonden wordt en iemand raakt het kadaver aan, is hij tot de avond onrein. 40Wie van het kadaver eet, moet zijn kleren wassen en blijft tot de avond onrein, en ook wie het kadaver meeneemt, moet zijn kleren wassen en blijft tot de avond onrein.

41Alle dieren die op de grond rondkruipen gelden voor jullie als oneetbaar; je mag er niet van eten. 42Of ze nu op hun buik kruipen, op vier poten lopen of veel potig zijn, je moet ze als weerzinwekkend beschouwen en mag ze niet eten. 43Jullie mogen je keel niet verontreinigen met deze kruipende dieren, je mag je niet met zulke dieren verontreinigen en zodoende onrein worden. 44Ik ben de HEER, jullie God. Jullie moeten heilig zijn. Wees heilig, want ik ben heilig. Verontreinig je keel niet met dieren die op de grond rondkruipen. 45Ik ben de HEER, die jullie uit Egypte heeft geleid om jullie God te zijn. Wees heilig, want ik ben heilig.”’

 

46Tot zover de voorschriften omtrent de dieren die op het land leven, de vogels, alle levende wezens in het water en alle dieren die over de grond kruipen. 47Er moet onderscheid worden gemaakt tussen wat rein is en wat onrein en tussen dieren die wel en dieren die niet gegeten mogen worden.

Wie Mijn geboden heeft en die in acht neemt, die is het die Mij liefheeft, en wie Mij liefheeft, hem zal Mijn Vader liefhebben; en Ik zal hem liefhebben en Mijzelf aan hem openbaren. – Johannes 14:21

 

Paulus schrijft

 

Wat is het verschil tussen onreine
en reine dieren?

Het blijkt dat de reine dieren gezonder zijn
dan de onreine dieren.

Er kunnen zich kleine beestjes zoalstrichinen (parasietenbevinden in het lichaam van onreine dieren, zoals onder meer varkens, wilde zwijnen en ratten, waar je ziek van kunt worden en die zelfs de dood tot gevolg kunnen hebben. Die parasieten zitten niet in het vlees van reine dieren (herkauwende) God is heilig en wil dat Israël en alle mensen zich aan Zijn voorschriften houden door ook heilig te zijn. Op die manier kunnen we ons als heiligen verenigen. Iedereen kan een goede relatie hebben met God, maar dan moeten we ook toegewijd aan God zijn. Voor de kerken wat daarin is en de dominee en de zondag, oftewel de ontmoetingsplaats en wat daarin is en de sabbat en de priesters.

 

meisje bidt toegewijd aan God

 

(Handelingen 10:9-16) 

 9De volgende dag kwamen de drie mannen in de buurt van de stad. Op dat moment was Petrus op het dak aan het bidden. Het was ongeveer twaalf uur 's middags.  Hij kreeg honger en wilde graag eten. Terwijl het eten voor hem werd klaargemaakt, zag hij iets vreemds gebeuren. Het leek alsof de hemel openging.  En er kwam iets uit de hemel naar beneden. Het leek op een groot tafellaken dat aan de vier hoeken naar beneden gelaten werd.  Er zaten allerlei dieren in: grote dieren, kleine kruipende dieren en vogels.  En een stem zei tegen hem: "Kom Petrus, slacht en eet!"  Maar Petrus zei: "Nee, echt niet, Heer! Ik heb nog nooit iets gegeten wat niet heilig of niet rein is."   Voor de tweede keer sprak de stem en zei: "Als God van iets gezegd heeft dat het rein is, mag jij niet zeggen dat het onrein is!"  16Dit gebeurde drie keer. Daarna werd het kleed weer opgetrokken, de hemel in.

         BasisBijbel                                                             

De Farizeeërs maken ruzie met Jezus

 1De Farizeeërs kwamen naar Jezus. Ook kwam er een aantal wetgeleerden uit Jeruzalem naar Hem toe.  Ze hadden gezien dat sommige van Jezus' leerlingen met ongewassen en dus onreine handen hun brood aten.  (Want de Farizeeërs en alle Joden wassen altijd hun handen voor het eten.
( Het ging hierbij niet om handen wassen zoals wij dat doen, om schone handen te hebben. Het ging hier om een godsdienstige gewoonte. Het was een gewoonte die de Farizeeërs zelf hadden bedacht, maar niet iets wat moest van de wet van Mozes.)
Dat is een gewoonte die ze van hun voorouders hebben geleerd.  En als ze van de markt komen, wassen ze altijd eerst hun handen en voeten voordat ze gaan eten. Zo hebben ze nog heel veel andere gewoonten die ze van hun voorouders hebben geleerd. Ze spoelen bijvoorbeeld ook hun bekers, kannen en koperen voorwerpen en bedden met water af.) 5 En de Farizeeërs en de wetgeleerden vroegen aan Jezus: "Waarom houden uw leerlingen zich niet aan de gewoonten die we van onze voorouders hebben geleerd? Waarom eten ze met ongewassen handen?"

 

 6Maar Jezus antwoordde: "Wat zijn jullie toch schijnheilig! Het is waar wat de profeet Jesaja over jullie heeft geprofeteerd, toen hij zei: 'Dit volk aanbidt Mij met hun mond, maar hun hart is ver bij Mij vandaan.  Ze aanbidden Mij op een zinloze manier. Want wat ze de mensen leren, zijn niet mijn wetten, maar wetten die door mensen zijn bedacht.'  Want jullie houden je niet aan de wet van God, maar wel aan de gewoonten die mensen hebben bedacht. Want jullie wassen je kannen en bekers en doen allerlei van zulke dingen. 

 Maar jullie schuiven de wet van God keurig aan de kant om je aan jullie eigen gewoonten te kunnen houden.  Want Mozes heeft gezegd: 'Heb respect voor je vader en moeder en zorg voor hen.' En ook: 'Iemand die zijn vader of moeder vervloekt, moet worden gedood.'  Maar jullie zeggen: 'Als iemand tegen zijn vader en moeder zegt: 'Alles waarmee ik voor jullie had kunnen zorgen, heb ik aan de tempel gegeven,' dan is het goed.'  Dan hoeft hij van jullie niets voor zijn vader of moeder
te doen.  Zo hebben jullie door jullie zelfbedachte gewoonten ervoor gezorgd dat het woord van God geen kracht meer heeft in jullie leven. En jullie doen heel veel van dat soort dingen."

 

 14Toen riep Hij de grote groep mensen naar Zich toe. En Hij zei tegen hen: "Luister allemaal en zorg dat jullie begrijpen wat Ik zeg.  Niet de dingen die je mond íngaan, maken je onrein. Maar de dingen die úit je mond komen, maken je onrein.  Als je oren hebt, moet je ook goed luisteren."

 

17 Toen Hij weer thuis kwam, vroegen zijn leerlingen wat Hij daarmee bedoelde.  Hij zei tegen hen: "Begrijpen jullie het dan óók niet? Begrijpen jullie niet dat alles wat je mond íngaat, je niet onrein kan maken?  Want het komt niet in je hart, maar in je buik. En op een bepaalde plaats gaat het er ook weer uit." Zo zei Hij dus dat alle soorten eten rein zijn.  En Hij zei:  "Wat uít je mond komt, maakt je onrein.  Want dat komt van binnenuit, uit je hart. Daar vandaan komen de slechte gedachten, verkeerde dingen op het gebied van seks, moord,  diefstal, ontrouw aan je man of vrouw, hebzucht, slechtheid, bedrog, gebrek aan zelfbeheersing, roddel, kwaadsprekerij, trots, onverstandigheid.  23Al die slechte dingen komen van binnenuit naar buiten en maken je onrein."

(Markus 7:1-23) BasisBijbel

 

Twee handen ineengestrengeld

Deze pagina is een onderdeel van de website: "godgelooftinmij".......